BelConLawBlog publishes a selected reading list of (I) new scholarship on Belgian constitutional law in journals and books, (II) decisions of the Belgian Constitutional Court, (III) upcoming conferences, and (IV) calls for papers. In order to submit relevant developments for our monthly overview, please contact us.

This overview was composed by Louis François (student assistant, UGent).

  1. Scholarship

A. Journals

  • Rechtskundig weekblad, 2018, no. 16 (15 December 2018)

A. HENKES, “Over grensoverschrijdende fiscaliteit en de bijdrage van het Hof, het Brussels International Business Court en bitcoins”, 602

  • Rechtskundig weekblad, 2019, no. 20 (12 January 2019)

A.-S. VANDAELE, “Het actueel belang bij de Raad van State. De Algemene Vergadering mildert, het EHRM schiet met scherp…”, 762-777

  • Rechtskundig weekblad, 2019, no. 21 (19 January 2019)

P. POPELIER, “Michel II en de vertrouwenskwestie”, 802

Y. BENFQUIH, W. VANDENHOLE, “Satire in Straatsburg: de Zaak-Forrest in het licht van art. 10 EVRM”, 818-823

  • Nieuw Juridisch Weekblad, 2018, no. 392

F. JUDO, “Artikel 18 Bijz.wet GwH: meer dan een vrome aansporing”, 888

  • Rechtskundig weekblad, 2019, no. 22 (26 January 2019)

V. VANOVERMEIRE, “Nieuwe bevoegdheden voor het Benelux-Gerechtshof en het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom”, 843-855

  • Juristenkrant, 2018, no. 379

K. MUYLLE, “Maak Raad van State bevoegd voor voorstellen tot herziening Grondwet”, 11

M. QUENE, Marrakesh, pacta sunt servanda?, 16

  • Juristenkrant, 2018, no. 380

J. RIEMSLAGH, “Arrest van het Gerecht brengt nieuwe Arcoregeling amper dichterbij”, 5

G. VERSCHELDEN, “Grondwettelijk Hof verlengt maximumduur van maatregelen na beëindiging wettelijke samenwoning”, 8

T. BONNE, “Gewesten mogen maximumbelasting voor taxisector opleggen”, 8

T. SOUVERIJNS, “Grondwettelijk Hof verbetert rechtsbescherming bij procedure Raad van State”, 10

B. NELISSEN, F. METS, “Raad van Europa herbevestigt belang rechterlijke integriteitscultuur”, 11

T. MISONNE, D. VAN EECKHOUTTE, “Klimaatbeleid, ook een zaak van juristen”, 14

S. COOLS, “Naar een algemene Europese bescherming voor klokkenluiders”, 15

  • Juristenkrant, 2019, no. 381

C. CONINGS, S. ROYER, “Grondwettelijk Hof mild voor doorzoeking smartphones en laptops”, 1-2

D. VOORHOOF, “Grondwettelijk Hof verzet zich tegen uitholling openbaarheid van bestuur (Delcredere is een openbare dienst)”, 4

  • Juristenkrant, 2019, no. 382

T. MOONEN, P. CANNOOT, “Cassatie legt bommetje onder compromis rond taalfaciliteiten”, 1

D. FRANSEN, “Het bestuursdecreet: Vlaams Bestuursrecht 2.0?”, 3

  • Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht, 2018, no. 8

K. MUYLLE, “Parlementair Recht”, 481-490

T. SOUVERIJNS, “Structurele onbestuurbaarheid: niet onbekend, wel onbemind”, 32

  • Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht, 2018, no. 10

M. LELOUP, “Het Hof van Justitie als hoeder van de rechtstaat”, 571-578

  • Journal des Tribunaux, 2018, no. 42

"70 ans de la Déclaration universelle des droits de l'homme et inauguration de l'obélisque du Parc de Tours et Taxis”, 968

  • Journal des Tribunaux, 2019, no. 1

F. MOTULSKY, “L’Hommage à Jean Spreutels, president de la Cour constitutionnelle.”, 17-18

  • Journal des Tribunaux, 2019, no. 2

F. AUVRAY, “La violation d'un traité est-elle une faute ? – Incidence de l'absence d'effet direct sur la responsabilité extracontractuelle de l'État”, 21-28

B. Books

J. DUJARDIN, W. SOMERS, L. VAN SUMMEREN, I. CARLENS, S. DESMET, K. VANWINCKELEN, Praktisch handboek voor gemeenterecht, Brugge, die Keure, 2018, 642 

  1. Decisions of the Belgian Constitutional Court

A. Violation of the Constitution / interpretation in accordance with the Constitution  

The Belgian Constitutional Court:

  • Vernietigt

    • artikel 39bis, § 3, van het Wetboek van strafvordering, ingevoegd bij artikel 2 van de wet van 25 december 2016 « houdende diverse wijzigingen van het Wetboek van strafvordering en het Strafwetboek, met het oog op de verbetering van de bijzondere opsporingsmethoden en bepaalde onderzoeksmethoden met betrekking tot internet en elektronische en telecommunicaties en tot oprichting van een gegevensbank stemafdrukken »;
    • artikel 13 van de voormelde wet van 25 december 2016;
    • artikel 39bis van het Wetboek van strafvordering, ingevoegd bij artikel 2 van de voormelde wet van 25 december 2016, in zoverre daarbij niet wordt voorzien in een specifieke bepaling teneinde het beroepsgeheim van de artsen en de advocaten te beschermen; Handhaaft de door de vernietigde bepalingen teweeggebrachte gevolgen tot de datum waarop dit arrest in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt; Onder voorbehoud van de in B.15.2 en B.22.2 vermelde interpretaties, verwerpt het beroep voor het overige. (6 December 2018, no. 174/2018 )
  • stelt dat artikel 2244, § 1, derde lid, van het Burgerlijk Wetboek, ingevoegd bij de wet van 25 juli 2008 « tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en de gecoördineerde wetten van 17 juli 1991 op de Rijkscomptabiliteit met het oog op het stuiten van de verjaring van de vordering tot schadevergoeding ten gevolge van een beroep tot vernietiging bij de Raad van State », de artikelen 10 en 11 van de Grondwet schendt in zoverre het geen verjaringstuitende werking toekent aan de bij de Raad van State ingestelde beroepen die niet tot een vernietigingsarrest leiden. (6 December 2018, no. 175/2018 )
  • oordeelt dat artikel 1479, derde lid, van het Burgerlijk Wetboek de artikelen 10 en 11 van de Grondwet schendt in zoverre het bepaalt dat de geldigheidsduur van de maatregelen die ingevolge de beëindiging van de wettelijke samenwoning gerechtvaardigd zijn en die worden bevolen door de familierechtbank, niet langer dan één jaar mag bedragen. De eerste prejudiciële vraag, in het eerste onderdeel ervan, en de tweede prejudiciële vraag behoeven geen antwoord. (6 December 2018, no.177/2018 )
  • schorst artikel 19, § 2, van de wet van 8 juli 2018 houdende bepalingen inzake de proefbank voor vuurwapens in zoverre het betrekking heeft op de directeur van de proefbank voor vuurwapens zonder in een adequate overgangsbepaling te voorzien; verwerpt de vordering tot schorsing voor het overige. (19 December 2018, no. 183/2018 )
  • zegt voor recht:

    • De artikelen 32quinquiesdecies en 32septiesdecies van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk schenden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, in de interpretatie dat ze het onmogelijk maken om, met toepassing van artikel 877 van het Gerechtelijk Wetboek, in een procedure in rechte de overlegging te doen bevelen van stukken die de preventieadviseur onder zich heeft en die in beginsel onder het beroepsgeheim ressorteren.
    • Dezelfde bepalingen schenden niet de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, in de interpretatie dat ze het niet onmogelijk maken om, met toepassing van artikel 877 van het Gerechtelijk Wetboek en rekening houdend met wat in B.13.3 is vermeld, in een procedure in rechte de overlegging te doen bevelen van stukken die de preventieadviseur onder zich heeft en die in beginsel onder het beroepsgeheim ressorteren. (23 January 2019, no. 002/2019 )
  • vernietigt:

    • in artikel 4, tweede lid, van de wet van 22 maart 2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen, zoals ingevoegd door artikel 3, 2°, van de wet van 27 januari 2017, de woorden « en gedurende ten minste tien jaar, waarvan ten minste vijf jaar ononderbroken, een werkelijk verblijf in België gehad hebben »;
    • artikel 4, derde lid, van de voormelde wet van 22 maart 2001, zoals ingevoegd door artikel 3, 2°, van de wet van 27 januari 2017. (23 January 2019, no. 006/2019 )
  • stelt voor recht dat:

    • Artikel 31, § 1, derde en vierde lid, van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, in de interpretatie dat de politierechter een administratieve geldboete niet kan verminderen tot onder het wettelijk vastgestelde bedrag om rekening te houden met verzachtende omstandigheden, schendt de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens.
    • Dezelfde bepaling, in de interpretatie dat de politierechter een administratieve geldboete kan verminderen tot onder het wettelijk vastgestelde bedrag om rekening te houden met verzachtende omstandigheden, schendt de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet. (23 January 2019, no. 008/2019 )
  • stelt dat in zoverre zij aan de douanebeambten van de vroegere niveaus 2 en 2+ die in de personeelsbezetting van de motorbrigades zijn opgenomen ingevolge de afschaffing van de douanecontroles aan de binnengrenzen van de Europese Gemeenschap in 1993 en die werkelijk « actieve diensten » hebben gepresteerd niet de mogelijkheid bieden om het preferentiële tantième 1/50 voor de berekening van hun rustpensioen te genieten en voor zover die beambten werkelijk « actieve diensten » hebben gepresteerd, schenden artikel 8, § 1, eerste lid, en § 3, 3°, van de algemene wet van 21 juli 1844 op de burgerlijke en kerkelijke pensioenen, en de bijlage « Tabel van de actieve diensten » ervan de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. (31 January 2019, no. 011/2019 )

B. No violation of the Constitution

The Belgian Constitutional Court:

  • stelt dat artikel 19bis-11, § 2, van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, vóór de opheffing ervan bij artikel 15 van de wet van 31 mei 2017, zo geïnterpreteerd dat het de eigenaar van een beschadigd voertuig toelaat van zijn eigen verzekeraar van de aansprakelijkheid inzake motorrijtuigen de vergoeding te vorderen van de schade aan zijn voertuig in de in dat artikel bepaalde mate, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet schendt (6 December 2018, no. 172/2018 )
  • oordeelt dat artikel 19bis-11, § 2, van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, vóór de opheffing ervan bij artikel 15 van de wet van 31 mei 2017, zo geïnterpreteerd dat het de eigenaar van een beschadigd voertuig toelaat van zijn eigen verzekeraar van de aansprakelijkheid inzake motorrijtuigen de vergoeding te vorderen van de schade aan zijn voertuig in de in dat artikel bepaalde mate, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met artikel 6, lid 1, van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, niet schendt. Artikel 25 van de wet van 31 mei 2017 tot wijziging van de wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen schendt de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met artikel 6, lid 1, van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, niet. (6 December 2018, no. 173/2018 )
  • stelt dat artikel 9, eerste en tweede lid, van de wet van 24 februari 1921 betreffende het verhandelen van giftstoffen, slaapmiddelen en verdovende middelen, psychotrope stoffen, ontsmettingsstoffen en antiseptica en van de stoffen die kunnen gebruikt worden voor de illegale vervaardiging van verdovende middelen en psychotrope stoffen, zoals vervangen bij artikel 14 van de wet van 3 mei 2003, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet schendt. De artikelen 3 en 8 van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie schenden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet. De derde prejudiciële vraag behoeft geen antwoord. (6 December 2018, no. 176/2018 )
  • verwerpt het beroep tot vernietiging van artikel 5 van de wet van 19 november 2017 tot wijziging van diverse bepalingen betreffende de bevordering van de militairen. (6 December 2018, no. 178/2018 )
  • verklaart de prejudiciële vraag over de artikelen 22/1 en 27 van de wet van 5 mei 2014 betreffende de internering zonder voorwerp. (6 December 2018, no. 179/2018 )
  • oordeelt dat de prejudiciële vragen over artikel 14, § 1ter en § 3, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie geen antwoord behoeven. (6 December 2018, no. 180/2018 )
  • verwerpt het beroep tegen het arrest no. 113/2018. (6 December 2018, no. 181/2018 )
  • oordeelt dat het aan het verwijzende rechtscollege is om te beoordelen of, na de wijziging van artikel 16.4.29 van het decreet van 5 april 1995 bij het decreet van 8 juni 2018, de onderhavige prejudiciële vraag nog nuttig is voor de beslechting van het bodemgeschil. De zaak dient bijgevolg te worden teruggezonden naar het verwijzende rechtscollege. (19 December 2018, no. 182/2018 )
  • verwerpt het beroep tot vernietiging van de artikelen 24 tot 27 van de programmawet van 25 december 2016 (Gezondheidszorg – Bewarende maatregelen in het kader van ziekenhuishervorming). (23 January 2019, no. 001/2019 )
  • zegt voor recht:

    • De artikelen 32quinquiesdecies en 32septiesdecies van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk schenden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, in de interpretatie dat ze het onmogelijk maken om, met toepassing van artikel 877 van het Gerechtelijk Wetboek, in een procedure in rechte de overlegging te doen bevelen van stukken die de preventieadviseur onder zich heeft en die in beginsel onder het beroepsgeheim ressorteren.
    • Dezelfde bepalingen schenden niet de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, in de interpretatie dat ze het niet onmogelijk maken om, met toepassing van artikel 877 van het Gerechtelijk Wetboek en rekening houdend met wat in B.13.3 is vermeld, in een procedure in rechte de overlegging te doen bevelen van stukken die de preventieadviseur onder zich heeft en die in beginsel onder het beroepsgeheim ressorteren. (23 January 2019, no. 002/2019 )
  • verwerpt het beroep tot vernietiging van de wet van 25 December 2016 tot wijziging van de artikelen 4 en 243/1 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992. (23 January 2019, no. 003/2019 )
  • zegt voor recht dat:

    • Het ontbreken van een uitdrukkelijke rechtsgrond voor de identificatie, door de politiediensten, van de kentekenplaathouder schendt de artikelen 10, 11 en 22 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 8 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, niet.
    • De tweede prejudiciële vraag behoeft geen antwoord. (23 January 2019, no. 004/2019)
  • stelt dat artikel 26 van de wet van 22 december 1986 betreffende de intercommunales de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet schendt.(23 January 2019, no. 005/2019 )
  • oordeelt dat, onder voorbehoud van hetgeen is vermeld in B.12.3 en B.12.4, de artikelen 444 en 445 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, zoals zij van toepassing zijn op het aan de verwijzende rechter voorgelegde geschil, de artikelen 10, 11 en 172 van de Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met artikel 1 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, niet schenden. (23 January 2019, no. 007/2019 )
  • stelt voor recht dat:

    • Artikel 31, § 1, derde en vierde lid, van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, in de interpretatie dat de politierechter een administratieve geldboete niet kan verminderen tot onder het wettelijk vastgestelde bedrag om rekening te houden met verzachtende omstandigheden, schendt de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens.
    • Dezelfde bepaling, in de interpretatie dat de politierechter een administratieve geldboete kan verminderen tot onder het wettelijk vastgestelde bedrag om rekening te houden met verzachtende omstandigheden, schendt de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet. (23 January 2019, no. 008/2019 )
  • stelt dat de artikelen 119, § 2, 121, § 1, en 125, § 2, van de wet van 26 juni 1992 houdende sociale en diverse bepalingen de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet schenden. (23 January 2019, no. 009/2019 )
  • verwerpt het beroep tot vernietiging van de wet van 28 april 2017 « tot oprichting van het ‘ War Heritage Institute ’ en houdende integratie van de opdrachten, de middelen en het personeel van het Instituut voor veteranen – Nationaal Instituut voor oorlogsinvaliden, oud-strijders en oorlogsslachtoffers, het Koninklijk Museum voor het Leger en de Krijgsgeschiedenis, het Nationaal Gedenkteken van het Fort van Breendonk en de Historische Pool van Defensie ». (23 January 2019, no. 010/2019 )
  • oordeelt dat artikel 14, § 2, van de wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie, zoals het is gewijzigd bij artikel 29 van de wet van 9 maart 2014, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet schendt. (31 January 2019, no. 012/2019 )
  • stelt voor recht dat:

    • Artikel 27 van de ordonnantie van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 9 juli 2015 « houdende de eerste maatregelen ter uitvoering en toepassing van de zesde Staatshervorming met betrekking tot het toezicht en de controle op het vlak van werkgelegenheid » schendt artikel 92bis, § 3, c), van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, in samenhang gelezen met artikel 42, eerste lid, van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen, niet.
    • In de interpretatie vermeld in B.13 schenden de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers, zoals van toepassing in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, inzonderheid artikel 12 daarvan, hersteld door artikel 27 van de voormelde ordonnantie van 9 juli 2015, en de voormelde wet, zoals van toepassing in het Vlaamse Gewest, in samenhang gelezen met het ten tijde van de feiten in dat Gewest van toepassing zijnde artikel 175 van het Sociaal Strafwetboek, niet de regels die de respectieve territoriale bevoegdheid van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest en het Vlaamse Gewest bepalen. (31 January 2019, no. 013/2019 )
  • stelt dat artikel 6.2.1 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, vóór de wijziging ervan bij het decreet van het Vlaamse Gewest van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet schendt. (31 January 2019, no. 014/2019 )
  • oordeelt dat artikel 145 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in samenhang gelezen met artikel 6 van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, niet schendt. (31 January 2019, no. 015/2019 )
  • stelt dat de artikelen 220, § 1, 221, § 1, en 257, § 3, van de algemene wet inzake douane en accijnzen, gecoördineerd bij het koninklijk besluit van 18 juli 1977, in samenhang gelezen met artikel 1382 van het Burgerlijk Wetboek en met de artikelen 44 en 50 van het Strafwetboek, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, al dan niet in samenhang gelezen met artikel 6, lid 1, van het Europees Verdrag voor de rechten van de mens en met artikel 1 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, niet schenden. (31 January 2019, no. 016/2019 )
  1.  Conferences

De federale bevoegdheden: herfederaliseren of confederaliseren?

Christian BEHRENDT, Karel REYBROUCK, Stefan SOTTIAUX, André baron ALEN

Debat met Wouter BEKE (CD&V), John CROMBEZ (sp.a), Bart DE WEVER (N-VA), Gwendolyn RUTTEN (Open VLD) en Meyrem ALMACI (Groen), gemodereerd door Rik VAN CAUWELAERT (De Tijd)

  • Thursday 28 March 2019, KULeuven (Promotiezaal), Naamsestraat 22, 3000 Louvain
  • For more information: See website

Het Migratiepact: kroniek van een crisis

Toon MOONEN, Ellen DESMET, Tom RUYS, Dries VAN EECKHOUTTE, Céline ROMAINVILLE, Jan WOUTERS, Jan VELAERS, Sylvie SAROLÉA, Armanda BISONG, Jean-Luc BODSON

  • Wednesday 8 May 2019, Ghent University – Faculty of Law and Criminology  – Campus Aula – Academieraadzaal, Voldersstraat 9, 9000 Ghent.
  • For more information: See website
  • For reservations: See website

Democratic renewal in times of polarization. The case of Belgium.

Print Friendly, PDF & Email
Share on Social Media

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *