Monthly Overview – May 2016

BelConLawBlog publishes a selected reading list of (I) new scholarship on Belgian constitutional law in journals and books, (II) decisions of the Belgian Constitutional Court, (III) upcoming conferences, and (IV) calls for papers. In order to submit relevant developments for our monthly overview, please contact us.

This overview was composed by Elien Verniers (research assistant, UGent).

I. Scholarship

A. Journals

  • De Juristenkrant, no. 329 (4 May 2016)

S. KEUNEN & A. D'ESPALLIER, “Grondwettelijk Hof verwerpt beroep tegen decreet persoonsvolgende financiering”, 4

Constitutional Court rejects appeal against Decree person-following financing

E. BREWAEYS, “Grondwettelijk Hof handhaaft territoriale bevoegdheid oorspronkelijke familierechtbank”, 5

Constitutional Court upholds territorial jurisdiction original family court

  • Nieuw Juridisch Weekblad, no. 2016-343

K. CALUWAERT , C. FORNOVILLE & T. MOONEN, “Rechtsplegingsvergoeding in geschillen met de overheid. De omslag in de rechtspraak van het Grondwettelijk Hof.”, 410-427

Litigation cost in disputes with the government. The shift in the case law of the Constitutional Court.

  • Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht, no. 2016-3

D. BIJNENS, P. SCHOLLEN & J. THEUNIS, “De toetsing aan grondrechten door het Grondwettelijk Hof. Overzicht van rechtspraak 2014”, 126

The review of fundamental rights by the Constitutional Court. Overview of case law 2014

C. ZOETHOUT, “De Grondwet in het Arabisch en andere Nederlandse constitutionele vraagstukken”, 173

The Constitution in Arabic and other Dutch constitutional issues

  • Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht, no. 2016-4

W. WIJTVLIET, “The judicialization of politics as a challenge to judicial lawmaking”, 200

S. KEUNEN, “Lokale autonomie als (essentieel) kenmerk voor de democratische legitimiteit van lokale besturen”, 248

Local autonomy as (key) feature of the democratic legitimacy of local governments

L. DE DEYNE, “Het “democratische deficit” van onafhankelijke energieregulatoren en de rol van het parlement”, 261

The “democratic deficit” of independent energy regulators and the role of the parliament

B. Books

  • D. CHICHOYAN, F. KÉFER, Y.-H. LELEU, T. LITANNIE, O. MICHIELS, X. MINY, G. RIFFLART & G. ROSOUX, La Cour constitutionnelle – De l'art de modeler le droit pour préserver l'égalité, Limal, Anthemis, 2016, 324 p.

The Constitutional Court – The art of shaping the law to preserve equality

  • I. LARMUSEAU, H. SCHOUKENS, P. DE SMEDT, R. SLABBINCK, L. DU GARDEIN, P.-J. DEFOORT, K. BEKÉ, S. DE MAESSCHALCK, A. HOUTHUYS, M. STRUBBE, S. VANDAMME, T. MALFAIT, C. PONCHAUT, E. DE WITTE & W. THYSSEN, Vlaams Omgevingsrecht: (g)een Toren van Babel, Brugge, Vanden Broele, 2016, 333 p.

Flemish Environmental Law:(no) Tower of Babel

  • F. CAESTECKER, N. PERRIN, T. EGGERICKX & B. RENAULD, Belg worden. De geschiedenis van de Belgische nationaliteitsverwerving sinds 1830, Mechelen, Wolters Kluwer, 2016, 283 p.

Becoming Belgian. The history of Belgian citizenship since 1830

II. Decisions of the Belgian Constitutional Court

A. Violation of the Constitution / interpretation in accordance with the Constitution

The Belgian Constitutional Court:

  • vernietigt artikel 95  van  de  wet  van  12 mei  2014  betreffende   de   gereglementeerde   vastgoedvennootschappen wegens schending van de fiscale neutraliteit;

annuls Article 95 of the Act of 12 May 2014 concerning regulated real estate companies due to a violation of tax neutrality (11 May 2016, no. 63/2016);

  • oordeelt dat onder artikel 19bis-11,  § 2,  van  de  wet  van  21 november  1989  betreffende  de  verplichte  aansprakelijkheidsverzekering  inzake  motorrijtuigen moet worden verstaan dat bij de verdeling van de schadevergoeding bedoeld in die bepaling enkel de verzekeraars van de geïdentificeerde voertuigen in aanmerking worden genomen;

rules that Article 19bis-11, §2 of the Act of 21 November 1989 concerning the compulsory liability insurance for motor vehicles must be interpreted to mean that only the insurers of the identified vehicles are taken into account with regard to the distribution of the indemnification referred to in that provision (11 May 2016, no. 64/2016);

  • beslist dat een ouder het recht moet hebben om op eenvoudig, niet anders gemotiveerd verzoek voor zijn kind een vrijstelling te verkrijgen om het onderricht in een van de erkende godsdiensten of dat in de niet-confessionele zedenleer te volgen;

decides that a parent must have the right to obtain an exemption for his child via a simple, not otherwise reasoned request to attend education of one of the authorized religions or non-denominational ethics (11 May 2016, no. 66/2016);

  • oordeelt dat de personeelsleden van een Franstalige basisschool die behoort tot het vrij gesubsidieerd onderwijs en die gevestigd is in een gemeente met een bijzonder taalstatuut niet onder artikel 19quater, tweede lid, van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 27 maart 1991 vallen;

rules that the staff of a French-speaking elementary school belonging to subsidized private education and located in a municipality with a special language status does not fall within the scope of Article 19quater, section 2, of the Decree of the Flemish Community of 27 March 1991 (11 May 2016, no. 68/2016);

  • beschouwt artikel 28, § 1, van de wet van 13 juli 1987 betreffende het kijk- en luistergeld, zoals vervangen bij artikel 28 van het decreet van het Waalse Gewest van 27 maart 2003 ongrondwettig, in zoverre het bepaalt dat het bezwaar, op straffe van verval, uiterlijk binnen drie maanden na het versturen van het aanslagbiljet moet worden voorgelegd;

holds Article 28, § 1, of the Act of 13 July 1987 concerning the radio and television fees, as replaced by article 28 of the Decree of the Walloon Region of 27 March 2003 unconstitutional, insofar as it determines that the complaint must be submitted, under penalty of forfeiture, the latest within three months after sending the tax assessment notice (11 May 2016, no. 69/2016);

  • vernietigt artikel 12, 2°, van het decreet van het Waalse Gewest van 11 april 2014, omdat het de onafhankelijkheid van de Waalse energieregulator zoals gewaarborgd door artikel 35, lid 4, b), ii), van  de  richtlijn 2009/72/EG schendt;

annuls Article 12, 2°, of the Decree of the Walloon Region of 11 April 2014, because it violates the independence of the Walloon energy regulator as guaranteed by Article 35, par. 4, b), ii), of Directive 2009/72/EC (25 May 2016, no. 71/2016);

See L. DE DEYNE , “Het “democratische deficit” van onafhankelijke energieregulatoren en de rol van het parlement” [The “democratic deficit” of independent energy regulators and the role of the parliament], 261 Tijdschrift voor Bestuurswetenschappen en Publiekrecht, no. 2016-4.

  • vernietigt het woord « essentiellement » in de Franse versie van artikel 2 van de wet van 22 mei 2014, omdat dit woord in de Nederlandse tekst geen equivalent heeft en daardoor een interpretatiemoeilijkheid zou kunnen doen ontstaan die strijdig is met het wettigheidsbeginsel in strafzaken;

annuls the word « essentially » in the French version of Article 2 of the Act of 22 May 2014, because this word has no equivalent in the Dutch text and could therefore create a difficulty of interpretation violating the principle of legality in criminal matters (25 May 2016, no. 72/2016);

  • oordeelt dat onder artikel 7, § 1, derde lid, van de ordonnantie van het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest van 28 januari 2010 moet worden verstaan dat het besluit van de Regering ter goedkeuring van het programma niet geldt als toestemming om te onteigenen en de Brusselse Hoofdstedelijke Regering steeds in een specifiek besluit dat de onteigening toestaat, dient vast te stellen dat de onmiddellijke inbezitneming van het onteigende goed onontbeerlijk is ten algemenen nutte;

rules that Article 7 § 1, par. 3, of the Ordinance of the Brussels Capital Region of 28 January 2010 must be interpreted to mean that the Government Decree approving the program is not valid as permission to expropriate and that the Brussels Capital Government must always, in a specific Decree authorizing the expropriation, determine that the immediate appropriation of the expropriated property is indispensable in the public interest (25 May 2016, no. 73/2016);

  • beslist dat artikel 330, § 1, vierde lid, van het Burgerlijk Wetboek ongrondwettig is, in zoverre aan het kind ouder dan 22 jaar een termijn wordt opgelegd van één jaar vanaf de ontdekking van het feit dat de persoon die het heeft erkend niet zijn vader is om een vordering tot betwisting van de vaderlijke erkenning in te stellen;

decides that article 330 § 1, par. 4, of the Civil Code is unconstitutional, insofar as a child older than 22 years is imposed a deadline of one year after the discovery of the fact that the person who has recognized it is not its father to bring an action contesting the paternal recognition (25 May 2016, no. 77/2016);

  • vernietigt de artikelen 144 tot 151 van het programmadecreet van het Waalse Gewest van 12 december 2014, alsook basisartikel 36 01 90 van Organisatieafdeling 17 van de bijlage bij het decreet van het Waalse Gewest van 11 december 2014, omdat de decreetgever zich op ongrondwettige wijze in de plaats van de gemeenten stelt;

annuls Articles 144 to 151 of the Program Decree of the Walloon Region of 12 December 2014, as well as basic Article 36 01 90 of Organization department 17 of the annex to the Decree of the Walloon Region of 11 December 2014, because the legislator replaces the municipalities in an unconstitutional manner (25 May 2016, no. 78/2016).

B. No violation of the Constitution

The Belgian Constitutional Court:

  • beslist dat artikel 193bis WIB 1992 de Grondwet niet schendt;

decides that article 193bis ITC 1992 does not violate the Constitution (11 May 2016, no. 65/2016);

  • handhaaft de wet van 22 mei 2014 ter bestrijding van seksisme in de openbare ruimte en tot aanpassing van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van discriminatie teneinde de daad van discriminatie te bestraffen;

upholds the Act of 22 May 2014 combatting sexism in public areas and amending the Act of 10 May 2007 combatting discrimination in order to punish the act of discrimination (25 May 2016, no. 72/2016);

  • oordeelt dat de overgangsbepalingen van de wet van 14 juli 1976 betreffende de wederzijdse rechten en verplichtingen van echtgenoten en de huwelijksvermogensstelsels grondwetsconform zijn;

rules that the transitional provisions of the Act of 14 July 1976 on the mutual rights and obligations of spouses and matrimonial property regimes are in conformity with the Constitution (25 May 2016, no. 74/2016);

  • beschouwt artikel 577 Gerechtelijk Wetboek in overeenstemming met de Grondwet;

holds Article 577 Judicial Code in accordance with the Constitution (25 May 2016, no. 76/2016);

  • oordeelt dat artikel 30bis, § 3, van de Wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders de Grondwet niet schendt.

rules that Article 30bis, § 3, of the Act of 27 June 1969 revising the Legislative Decree of 28 December 1944 on the social security of laborers does not violate the Constitution (25 May 2016, no. 79/2016);

  • beslist dat de verschillende behandeling waarbij enkel kinderen die hun fiscale woonplaats hebben bij een van de ouders als ten laste worden beschouwd, geen inbreuk vormt op de Grondwet;

decides that the differential treatment whereby only children who have their tax residence with one of the parents are considered as dependent, does not constitute an infringement of the Constitution (25 May 2016, no. 80/2016).

Print Friendly, PDF & Email
Share on Social Media

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *