Arne Cools, Cédric Labens, Liselotte Leenaerts en Manon Moerman (master studenten UGent), Jurgen Goossens (doctoraal onderzoeker, UGent) en Pieter Cannoot (assistent, UGent)

See English version below

SCOTUSDe vraag wie Antonin Scalia, rechter in het Supreme Court of the United States (SCOTUS) zal opvolgen na zijn recentelijk overlijden, verhit al enige tijd de gemoederen in de Verenigde Staten. Er staat dan ook heel wat op het spel.
Een nieuwe rechter binnen SCOTUS kan immers de ideologische balans binnen het Hof doen omslaan. In België is de benoeming van een nieuwe rechter in het Grondwettelijk Hof zelden een hot topic in het maatschappelijk debat. In dit blogbericht analyseren we de belangrijkste gelijkenissen en verschillen tussen het Belgisch Grondwettelijk Hof en SCOTUS inzake verschillende aspecten die betrekking hebben op de politieke of ideologische positie van de rechter. Hoe zijn beide instellingen samengesteld en hoe verloopt de benoemingsprocedure van de rechters? In welke mate hebben politieke en ideologische overtuigingen een waarneembare invloed op de besluitvorming van beide hoven? Ten slotte wordt de mogelijkheid en wenselijkheid onderzocht om, zoals in de VS, dissenting
en concurring opinions in te voeren in het Belgisch Grondwettelijk Hof.

Bijzondere positie binnen de rechterlijke macht

In België wordt de rechtsprekende taak verdeeld tussen de gewone hoven en rechtbanken enerzijds (rechterlijke macht sensu stricto) en de administratieve rechtbanken, Raad van State en het Grondwettelijk Hof anderzijds (rechterlijke macht sensu lato). Het Grondwettelijk Hof bekleedt een positie sui generis. Traditioneel was het de bedoeling dat het Hof enkel zou optreden als negatieve wetgever door het vernietigen van wetgeving die in strijd was met de Grondwet. Er kan echter een evolutie worden waargenomen naar een meer positieve kaderwetgever en precisiewetgever, bijvoorbeeld met betrekking tot lacunes in de wetgeving. Op dat vlak neemt het Hof recentelijk soms een proactieve rol op door zelf een lacune op te vullen zonder te wachten op een optreden van de wetgever.

SCOTUS oefent de bevoegdheid uit om de grondwettigheid te controleren van federale wetgeving en wetgeving van de deelstaten, judicial review genaamd. De negen Justices gaan hierbij omzichtig te werk en hebben een discretionaire bevoegdheid om zelf te kiezen over welke zaken ze een uitspraak willen doen. Een verzoek wordt geweigerd wanneer minder dan vier van de negen rechters de zaak willen behandelen en de zaak geen voldoende belangrijke vragen van federaal recht oproept. De samenstelling heeft dus een invloed op welke zaken door SCOTUS worden behandeld. Het Belgisch Grondwettelijk Hof heeft daarentegen niet de mogelijkheid om te kiezen welke zaken ze wil behandelen. Het doet uitspraak in alle zaken die bij het Hof aanhangig worden gemaakt.

Samenstelling en benoemingsprocedure

Artikel 2, sectie II van de Amerikaanse Grondwet bepaalt dat de President “shall nominate and by and with the advice and consent of the Senate shall appoint … judges of the Supreme Court.”
Het is bijgevolg aan de President om een kandidaat-rechter voor te stellen die vervolgens ook door de Senate moet worden goedgekeurd.

De samenstelling van SCOTUS werd in de Judiciary Act van 1869 bepaald en bedraagt momenteel negen rechters: één Chief Justice en acht Associate Justices. Om de onafhankelijkheid van de rechter te waarborgen, gebeurt de benoeming, net zoals in België, voor het leven. In België mogen de rechters echter slechts zetelen tot de leeftijd van 70 jaar. Nadat in de VS de President zijn kandidaat heeft gekozen, wordt deze uitgebreid gehoord door een permanent comité binnen de Senate, namelijk de Senate Comittee on the judiciary, alvorens aan een stemming te worden onderworpen. Deze door de grondwet voorgeschreven tussenkomst van de Senate leidt geregeld tot een moeizaam verloop van de benoeming. Om te worden benoemd, dient een kandidaat de steun te hebben van de President en van een meerderheid in de Senate. Men kan dus de steun nodig hebben van twee verschillende partijen, zoals heden ten dage het geval is met de democratische president Obama en de republikeinse meerderheid in de Senate.

Momenteel is het Amerikaanse Hooggerechtshof samengesteld uit vier ‘conservatieve’ en vier ‘progressieve’ rechters, respectievelijk aanleunend bij de republikeinen en de democraten. De dood van Justice Scalia, die behoorde tot de groep conservatieve rechters, geeft nu aan president Obama de mogelijkheid om de balans binnen SCOTUS te doen omslaan naar een meerderheid van vijf eerder progressieve rechters. Met de recente voorstelling van Merrick Garland door President Obama als kandidaat-rechter werd alvast gekozen voor een meer progressieve rechter dan Scalia. Het valt echter af te wachten of de Senate deze keuze zal bevestigen.

Voor de samenstelling van het Grondwettelijk Hof hanteert België een vaste verdeelsleutel: twaalf rechters van minstens 40 jaar, waarvan er zes Nederlandstalig en zes Franstalig zijn. Elke taalgroep bestaat op haar beurt voor de helft uit rechters met minstens vijf jaar juridische ervaring (universiteitshoogleraar in de rechten aan een Belgische universiteit, magistraat in het Hof van Cassatie of de Raad van State, referendaris bij het Grondwettelijk Hof). De andere helft zijn personen met politieke ervaring van minstens vijf jaar als lid van de Kamer, de Senaat of een deelstaatparlement.

Er wordt tevens een bepaalde genderbalans nagestreefd na het verstrijken van een overgangstermijn, namelijk een vertegenwoordiging van ten minste een derde voor de minst talrijke groep in beide bovenvermelde beroepscategorieën. In theorie worden twee kandidaten die aan deze voorwaarden voldoen beurtelings door de Kamer van Volksvertegenwoordigers en de Senaat, met een meerderheid van minstens twee derden van de stemmen van de aanwezige leden, voorgedragen aan de Koning.

In de praktijk moet een kandidaat eigenlijk de steun hebben van de politieke partij die op dat moment een benoeming mag voorstellen. De twaalf zetels in het Grondwettelijk Hof worden immers de facto verdeeld onder de politieke partijen. Op basis van het systeem Dhondt wordt berekend aan welke politieke partij de vrijgekomen zetel zal toekomen. Gelet op het resultaat van de federale verkiezingen van 2010 heeft N-VA bijgevolg eind 2013 voor het eerst een rechter voor het Grondwettelijk Hof voorgedragen. E. MAES pleit er in haar recent doctoraat voor om de samenstelling van het Hof nog meer te diversifiëren: niet enkel professoren en magistraten, maar bijvoorbeeld ook vertegenwoordigers uit het middenveld en het bedrijfsleven zouden in het Hof kunnen zetelen. Daarnaast zou het volgens haar een goede zaak zijn dat het Grondwettelijk Hof zich zou laten bijstaan door amici curiae (deskundigen die vrijwillig of op verzoek hun kennis met de rechter delen), net zoals SCOTUS.

Ideologische invloed op de interpretatie van de Grondwet

De ideologische balans in het Grondwettelijk Hof wordt dus voornamelijk bepaald via het systeem Dhondt. Volgens T. MOONEN bestaat er een belangrijke band tussen de ideologie van de rechters en het resultaat van hun uitspraken. In België is het echter moeilijk om hier kwantitatief onderzoek naar te verrichten. Ten eerste zijn er geen stemgegevens en gedetailleerde ideologische profielen van de rechters in het Grondwettelijk Hof beschikbaar. Ten tweede is het Belgische politieke stelsel, in tegenstelling tot de Verenigde Staten, niet gebaseerd op een systeem waarbij één ideologische strekking zelf de meerderheid vormt. In België wordt gewerkt met een coalitiesysteem, waarbij wetgeving bijgevolg vaak het resultaat is van een (ideologisch) compromis.

Volgens E. MAES zouden ook alle maatschappelijke stromingen in een grondwettelijk hof vertegenwoordigd moeten zijn, waarbij dit zich niet beperkt tot het politieke spectrum. De manier waarop kandidaat-rechters aankijken tegen thema’s zoals bijvoorbeeld economie, fiscaliteit en abortus dient volgens haar te worden bevraagd. De verschillende stromingen die hieromtrent bestaan komen namelijk niet altijd overeen met het politieke spectrum.

De ideologische invloed op de interpretatie van de Grondwet is gemakkelijker waarneembaar in de rechtspraak van SCOTUS. Men kan bijvoorbeeld periodes met een eerder conservatieve en een eerder progressieve rechtspraak onderscheiden. Een van de bekendste progressieve periodes is die van het zogenaamde Warren Court (1953-1969), die in het mijlpaalarrest Brown v. Board of education de rassenscheiding op openbare scholen ongrondwettig verklaarde. De benoeming van rechters door de Republikeinse presidenten Nixon, Ford en Reagan leidde tot een conservatieve meerderheid binnen SCOTUS, hetgeen ook tot uiting kwam in de rechtspraak.

"An ideological shift of large magnitude"President Obama krijgt door het overlijden van Justice Scalia nu mogelijks de kans om eventueel opnieuw een meer progressieve periode in te luiden. De benoeming van Merrick Garland zou een ideological shift of large magnitude veroorzaken binnen SCOTUS: ofwel sluit Garland zich aan bij het huidige progressieve blok, ofwel wordt hij de nieuwe ‘Median Justice’ die bij een gelijk aantal stemmen tussen progressieven en conservatieven de doorslaggevende stem levert. In beide gevallen zou SCOTUS  een meer progressieve koers ten toon spreiden.

Concurring & dissenting opinions

De ideologie van de rechters in SCOTUS is onder meer gemakkelijker waarneembaar door de publicatie van seperate opinions. Via concurring en dissenting opinions worden de achterliggende motieven en redeneringen van de rechters namelijk duidelijk. In België mogen de rechters geen afzonderlijke uitspraak publiceren. In common law landen is dit echter wel gebruikelijk.

Een concurring opinion is een uitspraak van een rechter die aansluit bij de meerderheidsvisie, maar waarbij andere argumenten aan de grondslag liggen. Een dissenting opinion betekent dat de rechter tot een andere uitspraak komt dan de meerderheid, waarvoor hij zijn argumenten meedeelt. Hoewel deze opinies geen bindende kracht hebben, mag hun invloed niet worden onderschat.

Justice Brennan formuleert dit als volgt: "The dissent . . . safeguards the integrity of the judicial decision-making process by keeping the majority accountable for the rationale and consequences of its decision".

In het Belgisch Grondwettelijk Hof is het echter minder evident om separate opinions te implementeren. Het vinden van een evenwichtig oordeel binnen de paritaire samenstelling van het Hof is op zich soms al een delicate zaak. De communautaire spanningen in België zouden bij dergelijke opinies eventueel nog kunnen oplopen. Volgens P. POPELIER en J. DE JAEGERE waakt het Belgisch Grondwettelijk Hof dan ook over de vaak delicate evenwichten die de Belgische consensusdemocratie stabiel houden en verliest het Hof hierbij de Belgische stabiliteit nooit uit het oog. Hiermee reageren de auteurs op het opiniestuk van B. MADDENS die aanklaagde dat het Hof aan de Vlaamse bevoegdheid inzake buitenlandse handel ‘knabbelt’ en daardoor bijdraagt aan de ‘Belgische restauratie’.  

E. MAES pleit in haar doctoraat niet alleen voor een meer divers Grondwettelijk Hof, maar ook voor het introduceren van dissenting opinions. Ze brengt hierbij echter de nuance aan dat er eventueel een verbod kan worden ingevoerd om afzonderlijke opinies te schrijven bij delicate thema’s of dat deze opinies geanonimiseerd kunnen worden zoals in Denemarken. Ook T. MOONEN vindt dat het Hof in zijn beslissingen meer duidelijkheid kan geven over de weg die het heeft gevolgd om tot een bepaalde uitspraak te komen. Dit hoeft niet noodzakelijk via dissenting opinions, maar kan ook gewoon door een uitgebreidere argumentatie in de uitspraak.

To be continued

Dit blogbericht, geschreven naar aanleiding van het overlijden van Antonin Scalia, toont aan dat de benoeming van een rechter in SCOTUS en in het Belgisch Grondwettelijk Hof belangrijke gevolgen kan hebben. Zowel in de VS als in België zijn politieke partijen betrokken bij de benoeming van de rechters. Het benoemen van rechters met een verschillende politieke of ideologische achtergrond zorgt voor diversiteit in het Hof. Er gaan in België echter stemmen op om de samenstelling van het Grondwettelijk Hof nog meer te diversifiëren en niet te beperken tot juristen en ex-politici. Dit is een piste die uitnodigt tot verder onderzoek. Het ideologisch profiel van de rechters in het Belgisch Grondwettelijk Hof en de eventuele invloed hiervan op de interpretatie van de Grondwet valt momenteel moeilijk te achterhalen. De mogelijkheid van seperate opinions zou op dit vlak al een tip van de sluier kunnen oplichten.
De mogelijke invoering van dergelijke afzonderlijke opinies in het Belgisch Grondwettelijk Hof verdient evenwel verder onderzoek.

 

Bibliografie

BOONE, R., “Een diverser Grondwettelijk Hof voor meer legitimiteit en kwaliteit.” (Interview met Evelyne Maes), Juristenkrant 2016, afl. 324, 8-9.

GOOSENS, J. en HAECK, Y., “Opvulling van lacunes in de wetgeving: evolutie van het Grondwettelijk Hof in België van negatieve tot positieve wetgever.” TVCR 2014, 350-362.

MOONEN, T., Het Grondwettelijk Hof en de interpretatie van de Grondwet. Proefschrift voorgelegd tot het behalen van de graad van doctor in de rechten, Universiteit Gent, Transnationale universiteit Limburg, 2014, IV, 680.

MOONEN, T., “Graag meer aandacht voor besluitvorming Grondwettelijk Hof.” Juristenkrant 2014, afl. 284, 12.

POPELIER, P. en DE JAEGERE, J., “Het Grondwettelijk Hof: Belgische restauratie noch Vlaams voorvechterschap”, Juristenkrant, 2015, 13.

STONE SWEET, A., “Constitutional Courts.” ROSENFELD, M. en SAJO, A. (eds.) The Oxford Handbook of Comparative Constitutional Law. Oxford, Oxford University Press, 2012, 816-830.

UYTTENDAELE, M. en MARTENS, P., Précis de droit constitutionnel belge: regards sur un système institutionnel paradoxal. Bruxelles, Bruylant, 2005, XIII, 1196.

VANDORMAEL, K., “Het Grondwettelijk Hof: rechter of regelgever.”, Brussel, Larcier, 2015, 1-11.

 

Print Friendly, PDF & Email
Share on Social Media

This article has 3 comments

  1. Luc Van Caneghem Reply

    Ik denk dat dissenting of concurirng opinions ook in België hun plaats kunnen hebben. Ze dragen bij aaneen explicietere motivering van de beslissing en daardoor aan de interpretatie ervan en wellicht ook aan de kwaliteit van de rechtspraak. Ik weet ook niet waarom er een strijdigheid zou zijn met het Belgisch 'consensusmodel' (als dat er is en als het al een model is). Het zou integendeel meer inzicht kunnen geven over waaruit die consensus is opgesteld. Ik ben niet zo vertrouwd met de rechtstpraak van het Grondwettelijk Hof maar bvb de Cassatierechtspraak is niet altijd van topkwaliteit. Vermoedelijk is de reden precies dat het om compromis beslissingen gaat en niet om de coherente redenering van één persoon. Het zou interessant zijn daar meer inzicht in te krijgen. De mogelijkheid van anonieme opinions is waarschijnlijk ook nuttig. Het is niet in onze volksaard om voor je mening uit te komen en dat kan helpen. 

  2. Jurgen Goossens Reply

    Beste Luc,

    Dank je voor het delen van je interessante input.

    Mvg,

    Jurgen Goossens

  3. 8 błogosławieństw Reply

    You’re surprised and pleased that he iss offering you something more than you expected.
    If these qualities exists, you’re typically delighted by your experience.
    Oregon siimply was required to reason Auburn for 2:33 as well as permit tthe diversion go ahead to overtime.

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *